Union – Antwerp, Club Brugge – Anderlecht en Genk – Gent. De openingsspeeldag zette de top drie tegenover de drie andere ploegen, en de uitslagen laten weinig ruimte voor discussie: 5-1 voor Union, 2-0 voor Club Brugge, 4-0 voor Genk. De logica werd op harde wijze gerespecteerd.
Na zo’n dominante prestaties van de topploegen tegen de achtervolgers dringt de vraag zich op: krijgen we Champions’ Play-offs op twee snelheden, met Genk, Brugge en Union aan de ene kant en Anderlecht, Gent en Antwerp aan de andere? De kans daarop is (heel) groot.
Een klassenverschil
Wat vooral opviel in de drie duels was het niveauverschil tussen de teams. Union Saint-Gilloise vernederde Antwerp met technisch verfijnd, snel en efficiënt voetbal. Club Brugge straalde rust en controle uit en liet Anderlecht amper in de wedstrijd komen. En Genk? Dat walste als een bulldozer over een onmachtig Gent heen.

In deze omstandigheden is het moeilijk voor te stellen dat Anderlecht, AA Gent of Antwerp nog een rol van betekenis kunnen spelen in de negen resterende wedstrijden. Worden ze dan louter scheidsrechters in de titelstrijd? Zelfs dat lijkt twijfelachtig, gezien de manier waarop ze overklast werden.
Anderlecht minst slecht van de drie, Genk de sterkste?
Binnen deze ‘flop 3’ lijkt Anderlecht de beste papieren te hebben om de vierde plek en een ticket voor de Conference League te bemachtigen. De Brusselaars kunnen rekenen op een sterke Colin Coosemans, die het verschil zou kunnen maken in de onderlinge duels met Gent en Antwerp. Maar verder…?
Bovenin de rangschikking houdt Genk zich voorlopig het best staande. De Limburgers blijven hun reputatie waarmaken en lijken moeilijk te stoppen. Hun attractieve spel zal nog voor veel schade zorgen – te beginnen met hun volgende duel op het veld van Anderlecht?